Berichten

Naast alle informatie en kennisuitwisseling, hierover zal ik later wat schrijven, was het heel bijzonder om elkaar als broeders en zusters te ontmoeten. Compleet verschillende culturen, talen, achtergronden en tradities maar met hetzelfde verlangen; ‘God en jongeren’. En opnieuw was ik onder de indruk van de ‘dienstbaarheid in samenwerken’, de manier hoe collega jeugdwerkers elkaar opzoeken en dienstbaar zijn aan de ministry van de ander.

Net- of samen-werken

Tijdens zo’n internationale conferentie neem je wat afstand van je eigen situatie, je eigen land en cultuur. Dat geeft soms hele heldere inzichten in ‘the way we do things around here’, als mooie omschrijving van je eigen cultuur. Zeker als je dat kunt vergelijken met andere culturen en wanneer andere culturen reflecteren op typisch Nederlands gedrag. Een bekend fenomeen is de ‘directheid’ van Nederlanders die in andere culturen nogal eens als lomp of ongepast wordt ervaren Maar de afgelopen dagen hoorde ik drie keer een ervaring van afzonderlijke personen over ‘samenwerken’ met Nederlanders. En de conclusie was dat dit niet eenvoudig mooi moeizaam was. Nou zijn we als Nederlanders meestal goed in netwerken dus het verbaasde mij nogal. Maar toen ik de ervaringen hoorde begreep ik het beter. Want in verschillende situaties bleek dat de belangen, de meerwaarde voor de Nederlanders bepalend waren voor de samenwerking. Meestal gericht op het realiseren van meerwaarde voor de eigen agenda’s of plannen of het ‘verkopen’ van de eigen methode, visie. Het doel was bekend en het netwerken werd bepaald door het realiseren van dat doel. Maar samenwerken is ten diepste geloven dat je aan elkaar bent gegeven om een gemeenschappelijk doel te bereiken. En deze signalen riepen bij mij de vraag op of wij onszelf niet de kans ontnemen om te zien wat God wil doen door de ander? Calculeren we niet teveel in ons netwerken en vergeten we daardoor soms om echt samen te werken?

Letland en Noord-Ierland

Daarom een aantal voorbeelden die ik deze dagen heb gehoord of beleefd. En het begint met de vraag ‘wat Letland en Noord-Ierland met elkaar gemeen hebben?’ Zover ik weet niet zo heel veel en toch is daar een bijzondere samenwerking tot stand gekomen op een onbegrijpelijke manier. Een jeugdwerker in Letland die niet wist hoe hij van betekenis kon zijn voor de jeugd in zijn land vond een boek in een kantoor waar hij toevallig was, getriggerd door de titel. Op onverklaarbare wijze opent hij het boek op pagina 3, leest hier de naam van de leider van een jeugdorganisatie in Noord-Ierland waarvan hij de contactgegevens heeft opgezocht. En zo kwam er een mailtje in Noord-Ierland terecht waarbij de vraag uit Letland een bevestiging was voor deze organisatie. En zo ontstond er een mooie samenwerking die nu van grote betekenis is voor jongeren in Letland. Voor mij een bijzondere les dat God een plan kan hebben die niet strookt met onze berekeningen of logische samenwerkingen.

Daniël

Tijdens één van de Bijbelstudie hebben we stilgestaan bij Daniël en de manier hoe hij leefde aan het Baylonische hof. Daniël was bereid om relaties aan te gaan met zijn vijanden, de mensen die hem weggevoerd hadden uit zijn eigen land. En hij gaat in gesprek over de regels voor het eten en drinken en zoekt samen met de verantwoordelijken naar een oplossing. En toen Daniël naar de koning zou gaan om de droom en de betekenis ervan uit te leggen ging hij eerst naar zijn vrienden. Want Daniël wist dat hij anderen nodig had, dat zijn vrienden voor hem moesten bidden. Dat roept bij mij de vraag op of wij afhankelijk durven te zijn van anderen en aan onze vrienden te vragen om voor ons te bidden en te accepteren dat zij ook vragen stellen of feedback geven.

Hongaarse Roemeen

Bij de afsluiting van de conferentie hebben we samen avondmaal gevierd, Holy Communion als het vieren van de gemeenschap van heiligen. Dit werd geleid door een predikant uit Roemenië die gestudeerd heeft in Kampen en een Gereformeerd Hongaarse kerk mag dienen. Dit deed hij samen met een baptisten voorganger uit Roemenië. Een betekenisvolle ervaring omdat in dit moment zoveel kloven werden overbrugd. Wie de geschiedenis een beetje kent weet hoe ingewikkeld de relatie is tussen Roemenië en Hongarije. En de traditionele Hongaarse kerk kent een hele andere traditie dan de baptisten. En daarbij was ik zeer onder de indruk hoe deze vriend, we hebben elkaar al eerder ontmoet in Nederland, met respect voor zijn eigen traditie nieuwe vormen gebruikte die betekenis hadden. Hiermee was het ook een voorbeeld hoe de kloof tussen generaties of tradities overbrugd kan worden. Na het avondmaal kregen we als afsluiting allemaal een steen met onze naam hierop. Gezocht samen met zijn vrouw aan het strand in Spanje. Deze steen met onze naam was een teken dat wij een onderdeel zijn van Gods tempel. Klein en onbeduidend op zichzelf maa

Voordat deze week begon werd ik verschillende keren bevraagd over wat het European Youth Ministry Network is, wie daar zijn en wat ze doen. Dat zijn prima vragen om snel en eenvoudig te beantwoorden. Toch neem ik iets meer tijd voor een antwoord om tegelijk te reflecteren op de Nederlandse situatie.

EYMN

Het Europese Netwerk van Jeugdwerkers heeft deze 3e conferentie georganiseerd om elkaar te ontmoeten, te bemoedigen, ervaringen te delen en samen te ontdekken wat er gebeurt in Europa. Nou waren er eerder ook wel Europese ontmoetingen en is het EYMN niet het enige netwerk, zo gaat dat in een complexe wereld. Toch is het bijzonder om te zien hoe jeugdwerkers uit Europa elkaar weten te vinden en door de jaren heen effectief hebben samengewerkt. In deze conferentie zijn er zo’n 45 ‘leaders in Youth ministry’ uit 16 verschillende Europese landen. Bijzonder is dat sinds 5 – 10 jaar Europa beter vertegenwoordigd is en het niet alleen een West-Europese ontmoeting is gebleven.

Ervaring

Het gezelschap is zeer divers gelet op de functies in Youth Ministry. Er zijn lokale jeugdwerkers, ontwikkelaars van materiaal, directeuren van organisaties, regionale netwerkers en van alles daar tussenin. En ook de ‘dienstjaren’ zijn zeer divers maar de grootste groep zit tussen 10 en 20 jaar ervaring met een aantal uitschieters naar meer dan 30 jaar jeugdwerk. Gelukkig is er geen ‘houdbaarheidsdatum’ bij jeugdwerkers waardoor ervaring en kennis behouden blijft en overgedragen kan worden. Dit is niet vanzelfsprekend want juist in Nederland ervaar ik wel eens een tekort aan ervaren jeugdwerkers. Mogelijk dat we in Nederland te weinig waardering hebben voor mensen die al wat jaren meelopen en dat we vergeten om dankbaar te zijn voor al hun inzet voor nieuwe generaties. Temeer omdat we daarmee een duidelijk signaal geven aan onze jongeren; we vinden jullie belangrijk en waarderen daarom ook de mensen die in jullie investeren. Dit is ook essentieel voor het werven en begeleiden van een nieuwe generatie leiders. Opvallend is dat de aanwezigen al op jonge leeftijd leider zijn geworden.

Professie

Wat mij verder opviel uit de survey voorafgaand aan deze conferentie is dat zo’n 35% een ‘volunteer ministry’ (unpaid) heeft. Met mijn Nederlandse bril is dat een teken dat het domein van jeugdwerk nog onvolwassen is. Vanuit het idee dat ‘money follows vision’ maak ik me zorgen als er blijkbaar zo weinig budget is om te investeren in goed jeugdwerk. Tegelijk besef ik dat de context in bijv. Oost-Europa heel anders is dan in Nederland. Toch was ik verrast door een collega uit Bulgarije die vertelde dat ‘paid ministry’ een beetje verdacht is want het idee is dat jongeren geen relatie aangaan met mensen die betaald worden om met deze jongeren op te trekken. Dit roept natuurlijk allerlei vragen op over wat een jeugdwerker is. Steeds meer geloof ik in 2e lijns jeugdwerkers en 1e lijns jeugdleiders. Het directe contact met jongeren, het leven delen vraagt om een relatie en continuïteit. Naar mijn idee is dat per definitie een jeugdleider, een vrijwilliger uit de kerk of community. Tegelijk vraagt jeugdwerk om professionals die jeugdleiders trainen, die goed materiaal ontwikkelen, die beleid maken en dat is toch echt een professie. Hiervoor heb je een passende opleiding en vlieguren nodig.

Mentoring

Eén van de oudste deelnemers noemt zichzelf een ‘alongsider’, een geweldige term voor iemand die in bepaalde levensfasen nabij is, meeloopt en betrokken is. Het principe van mentoring, coach wordt door de meeste aanwezigen ook benut. Zowel mentor zijn voor anderen als een mentor hebben geldt voor de meeste aanwezigen. En dat geldt voor alle leeftijden en opvallend genoeg vooral bij de 40+’ers. Blijkbaar heb je, ondanks of misschien juist wel door heel wat jaren ervaring, behoefte aan een ‘alongsider’. Volgens mij kunnen we hier als Nederlandse ‘doe-het-zelvers’ veel van leren. Durf jezelf kwetsbaar te maken en te blijven groeien als jeugdwerker. Hopelijk wordt dit ook gestimuleerd en gefaciliteerd door werkgevers zoals kerken en organisaties.