Berichten

Voordat deze week begon werd ik verschillende keren bevraagd over wat het European Youth Ministry Network is, wie daar zijn en wat ze doen. Dat zijn prima vragen om snel en eenvoudig te beantwoorden. Toch neem ik iets meer tijd voor een antwoord om tegelijk te reflecteren op de Nederlandse situatie.

EYMN

Het Europese Netwerk van Jeugdwerkers heeft deze 3e conferentie georganiseerd om elkaar te ontmoeten, te bemoedigen, ervaringen te delen en samen te ontdekken wat er gebeurt in Europa. Nou waren er eerder ook wel Europese ontmoetingen en is het EYMN niet het enige netwerk, zo gaat dat in een complexe wereld. Toch is het bijzonder om te zien hoe jeugdwerkers uit Europa elkaar weten te vinden en door de jaren heen effectief hebben samengewerkt. In deze conferentie zijn er zo’n 45 ‘leaders in Youth ministry’ uit 16 verschillende Europese landen. Bijzonder is dat sinds 5 – 10 jaar Europa beter vertegenwoordigd is en het niet alleen een West-Europese ontmoeting is gebleven.

Ervaring

Het gezelschap is zeer divers gelet op de functies in Youth Ministry. Er zijn lokale jeugdwerkers, ontwikkelaars van materiaal, directeuren van organisaties, regionale netwerkers en van alles daar tussenin. En ook de ‘dienstjaren’ zijn zeer divers maar de grootste groep zit tussen 10 en 20 jaar ervaring met een aantal uitschieters naar meer dan 30 jaar jeugdwerk. Gelukkig is er geen ‘houdbaarheidsdatum’ bij jeugdwerkers waardoor ervaring en kennis behouden blijft en overgedragen kan worden. Dit is niet vanzelfsprekend want juist in Nederland ervaar ik wel eens een tekort aan ervaren jeugdwerkers. Mogelijk dat we in Nederland te weinig waardering hebben voor mensen die al wat jaren meelopen en dat we vergeten om dankbaar te zijn voor al hun inzet voor nieuwe generaties. Temeer omdat we daarmee een duidelijk signaal geven aan onze jongeren; we vinden jullie belangrijk en waarderen daarom ook de mensen die in jullie investeren. Dit is ook essentieel voor het werven en begeleiden van een nieuwe generatie leiders. Opvallend is dat de aanwezigen al op jonge leeftijd leider zijn geworden.

Professie

Wat mij verder opviel uit de survey voorafgaand aan deze conferentie is dat zo’n 35% een ‘volunteer ministry’ (unpaid) heeft. Met mijn Nederlandse bril is dat een teken dat het domein van jeugdwerk nog onvolwassen is. Vanuit het idee dat ‘money follows vision’ maak ik me zorgen als er blijkbaar zo weinig budget is om te investeren in goed jeugdwerk. Tegelijk besef ik dat de context in bijv. Oost-Europa heel anders is dan in Nederland. Toch was ik verrast door een collega uit Bulgarije die vertelde dat ‘paid ministry’ een beetje verdacht is want het idee is dat jongeren geen relatie aangaan met mensen die betaald worden om met deze jongeren op te trekken. Dit roept natuurlijk allerlei vragen op over wat een jeugdwerker is. Steeds meer geloof ik in 2e lijns jeugdwerkers en 1e lijns jeugdleiders. Het directe contact met jongeren, het leven delen vraagt om een relatie en continuïteit. Naar mijn idee is dat per definitie een jeugdleider, een vrijwilliger uit de kerk of community. Tegelijk vraagt jeugdwerk om professionals die jeugdleiders trainen, die goed materiaal ontwikkelen, die beleid maken en dat is toch echt een professie. Hiervoor heb je een passende opleiding en vlieguren nodig.

Mentoring

Eén van de oudste deelnemers noemt zichzelf een ‘alongsider’, een geweldige term voor iemand die in bepaalde levensfasen nabij is, meeloopt en betrokken is. Het principe van mentoring, coach wordt door de meeste aanwezigen ook benut. Zowel mentor zijn voor anderen als een mentor hebben geldt voor de meeste aanwezigen. En dat geldt voor alle leeftijden en opvallend genoeg vooral bij de 40+’ers. Blijkbaar heb je, ondanks of misschien juist wel door heel wat jaren ervaring, behoefte aan een ‘alongsider’. Volgens mij kunnen we hier als Nederlandse ‘doe-het-zelvers’ veel van leren. Durf jezelf kwetsbaar te maken en te blijven groeien als jeugdwerker. Hopelijk wordt dit ook gestimuleerd en gefaciliteerd door werkgevers zoals kerken en organisaties.